Handleidingen

4 Ontleden

Berekening van het cijfer.

Er wordt gekeken naar de laatste 20 zinnen die zijn ontleed. Als er minder dan 20 zinnen zijn ontleed, dan wordt er nog geen cijfer bepaald.

Bij betreffende zinnen wordt alleen gekeken naar de geoefende onderdelen. Van die geoefende onderdelen wordt de verhouding bepaald tussen het aantal goede antwoorden en het totaal aantal antwoorden dat gegeven is. Dat getal wordt maal 10 gedaan om tot een cijfer van 0-10 te komen.

Hoe om te gaan met dit cijfer?

Leerlingen moeten van hun docent doorkrijgen welke onderdelen zij moeten oefenen. Pas als zij deze onderdelen beheersen (dan benadert het cijfer de 10), moeten zij nieuwe onderdelen gaan oefenen. Het cijfer zal dan waarschijnlijk in eerste instantie iets omlaag gaan. Doordat de leerlingen extra kunnen oefenen, kunnen zij hun cijfer zelf weer omhoog brengen. Op deze manier moedigt het systeem oefenen aan. Door meer te oefenen en dan ook minder fouten te maken, kan de score worden verbeterd.